Gemeente Leiderdorp

U bent hier: Homevoorwoord

Download als pdf

Zelf je pdf samenstellen

Geselecteerde pagina's: 0

voorwoord

Voor u ligt de programmabegroting 2023 van Leiderdorp, opgesteld volgens de laatste, vastgestelde kadernota.

Wat vooraan op ons netvlies staat, zijn uiteraard de zorgen om de bestaans(on)zekerheid van de Leiderdorpers als gevolg van de huidige landelijke en internationale ontwikkelingen. Door de sterk stijgende energieprijzen en inflatie dreigen steeds meer inwoners in de problemen te komen. We zien energiearmoede ontstaan, en dat is niet alleen bij inwoners met een uitkering of minimum inkomen. Ook mensen met een modaal inkomen ondervinden inmiddels dagelijks de gevolgen. Naast onze inwoners zien ook steeds meer ondernemers hun rendementen sterk afnemen. Zeker de ondernemers die in hun dienstverlening afhankelijk zijn van energie.

Het college zet in om deze Leiderdorpers tijdig te ondersteunen, bijvoorbeeld door de inzet van een budgetcoach. Door mogelijke financiële problemen vroeg te signaleren en passende (inkomens)steun te verlenen, hopen we dat voorkomen wordt dat zij problematische schulden opbouwen. Het college zal in 2023 uw raad een integraal plan voor armoedebestrijding aanbieden dat aan alle aspecten van de bestaande problematiek aandacht besteedt.

Ieder kind verdient de best mogelijke start van zijn of haar leven en een optimale kans op een goede toekomst. De eerste 1000 dagen van een kind zijn cruciaal voor een goede start. Daarom doen we mee aan het landelijke actieprogramma Kansrijke Start. Om meer kinderen gelijke kansen te geven, voeren we het Onderwijskansenbeleid uit. Bovendien geven we handen en voeten aan het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) voor herstel en ontwikkeling van het onderwijs tijdens en na corona.

Daarnaast is er zorg voor de extra kwetsbare groepen, van jeugd tot senioren. We zetten in op het verbeteren van de kwaliteit en de organisatie van Jeugdzorg, via het regionale plan Transformatie jeugdhulp. Onder meer voor het terugdringen van de wachtlijsten, zodat niet alleen zo passend mogelijke maar ook zo tijdig mogelijke ondersteuning wordt geboden. We hebben extra aandacht voor het (te ontwikkelen) integrale ouderenbeleid. Veel gebeurt wijkgericht en in participatie met de buurt, bijvoorbeeld om zo eenzaamheid onder inwoners tegen te gaan. Wie een afstand tot de arbeidsmarkt heeft, wordt ondersteund. Zo focussen we op een verdere toename van het aantal beschutte werkplekken.

We houden de door de raad ingezette koers op het gebied van veiligheid vast maar zullen komend jaar, mede door de crisissituaties, ook keuzes moeten maken. Dit doen wij samen met de gemeenteraad door een nieuwe veiligheidsbeleid met prioriteiten vast te stellen in 2023. Hierin moet gemeentelijke handhaving een prominentere rol krijgen omdat er steeds meer van onze BOA’s wordt gevraagd. De inzet blijft wijkgerichte handhaving. Met aandacht voor verkeer, overlast van jeugd, woonfraude en controles omtrent illegale situaties en ondermijnende activiteiten.

We blijven ook aandacht houden voor het sterker maken van de zorg- en veiligheidsketen. Wij beseffen dat een goed werkende zorg-, veiligheids- en justitiële keten belangrijk is en voor winst kan zorgen op de lange termijn. Wederom zal, in lijn met het landelijk beleid, ook de aanpak van ondermijning een belangrijke plaats innemen. Wij gaan daarom verder investeren op deze aanpak met onze partners middels campagnes gericht op bewustwording, signalering en preventie maar ook het vaker toepassen van de wet BIBOB en het houden van integrale controles.

Om mee te kunnen (blijven) doen in Leiderdorp is een zo lang mogelijke zelfredzaamheid belangrijk. Iedereen moet kunnen meedoen, ongeacht het inkomen. We zoeken bij uitdagingen hierin naar integraliteit en maatwerk, waar nodig samen met partners in de regio.

Meedoen gaat ook over vrije tijd. Daarom faciliteren we verenigingen op het gebied van kunst en cultuur en van sport. Hoe meer mensen mee kunnen doen, hoe vitaler en dynamischer Leiderdorp is. Dat maakt het tot een aantrekkelijke gemeente. We kijken bijvoorbeeld naar de ingezette Cultuurcoach en het activiteitenbudget. Veel Leiderdorpers zijn al actief op het gebied van kunst, cultuur en sport. Door een aantrekkelijk voorzieningenniveau te handhaven, bevorderen we de sociale cohesie. Om meer Leiderdorpers te stimuleren meer te gaan bewegen, continueren we het sportakkoord.

Voor een aantrekkelijk Leiderdorp is energie besparen een voorwaarde voor een duurzamer leefklimaat. Door de stijgende energieprijzen is dit urgenter dan ooit. We zoeken naar de slimste en snelste stappen hierin, onder meer in het opwekken van duurzame stroom en het verminderen van de CO2-uitstoot. We gaan ook flink aan de slag met het reduceren van restafval, op weg naar een circulaire Leiderdorpse economie.

Ondanks de stijgende prijzen blijven we voortvarend werken aan het verbeteren van de onderwijshuisvesting. Daarbij stellen we uw raad voor om meer financiële middelen beschikbaar te maken voor extra inzet op duurzaamheidsmaatregelen. Ook stellen wij extra middelen beschikbaar om buitensportaccommodaties te verduurzamen. Naast de effecten voor een duurzamer leefklimaat willen wij hiermee lagere energielasten realiseren.

Ook de beschikbare woonruimte staat landelijk onder spanning. Beweging in deze markt stimuleren is hierbij belangrijk. We willen daarom meer passende woonruimte creëren voor verschillende doelgroepen. Dat deze woningen in een prettige en veilige leefomgeving staan, heeft ook onze bijzondere aandacht. Integraal samenwerken in de regio en keten zorgt ook preventief voor het verminderen van criminaliteit.

Om prettig te wonen en te werken in Leiderdorp is verkeer een belangrijke schakel. Leiderdorpers moeten zich vlot, veilig en duurzaam kunnen verplaatsen. Hiervoor gaan we het gebruik van de fiets stimuleren. Voor gemotoriseerd verkeer is het bevorderen van de doorstroming een punt op de agenda.

Het bevorderen van de biodiversiteit krijgt extra prioriteit. Dit pakken we onder meer op in samenspraak met de agrariërs, regiogemeenten, de inwoners van Leiderdorp en onze ondernemers.

Naast biodiversiteit is water en groen het kapitaal van de toekomst. We verbeteren niet alleen de klimaatbestendigheid van de Leiderdorpse leefomgeving door als gemeente klimaatadaptieve maatregelen te treffen. Klimaatbestendig worden doen we namelijk allemaal samen. Hiervoor zetten we sterk in op meer bewustwording bij inwoners en instanties.

Als gemeente bouwen we aan een toekomstbestendige organisatie met een bijpassende bedrijfsvoering. Hiervoor stippelen we de visie en strategie voor Leiderdorp 2040 uit. In deze doorontwikkeling richten we de (ambtelijke) organisatie optimaal in. Onze medewerkers zijn hierin ons werkelijke kapitaal. Hen in hun kracht zetten, maakt dat we nu en in de toekomst de opgaven die aan de gemeente worden gesteld, aankunnen. Budgetten die uw raad beschikbaar heeft gesteld voor versterking, worden incidenteel ingezet in opmaat naar structurele invulling van de formatie.

Verder worden in de bedrijfsvoering stappen gezet om onze gemeentelijke taken doelmatig, doeltreffend en rechtmatig uit te voeren.

We bieden u een structureel en reëel sluitende begroting 2023 aan. Ook de lasten en baten in de meerjarenraming voor 2024 en 2025 zijn structureel in evenwicht. Maar in 2026 is het structureel evenwicht buiten bereik. Dat is het gevolg van besluiten van het huidige kabinet om in het 'ravijnjaar' 2026 fors te korten op de algemene uitkering. De gemeenten trekken in VNG-verband samen op om het Rijk tot een heroverweging te bewegen.

Hoofdlijnen financiële begroting

Uitgangspunten van de provincie
In de begrotingscirculaire 2023-2026 geeft de provincie aan hoe ze onze programmabegroting gaat beoordelen. Het college is van mening dat de programmabegroting 2023 voldoet aan de uitgangspunten van de provincie en dus kan rekenen op een positieve beoordeling.

Programmabegroting 2023

De begroting 2022, het coalitieakkoord 2022-2026 en de financiële kadernota 2023-2026 vormen de basis van onze programmabegroting 2023. Aanvullend bepalen verschillende mutaties het meerjarenbeeld van Leiderdorp:

  • de gevolgen van de meicirculaire 2022 gemeentefonds, waarover we de raad voor de zomer informeerden
  • de afspraak tussen het Rijk en de VNG om de accressen voor 2022 tot en met 2025 te fixeren
  • de stijging van de energietarieven (gevolgen voor de gemeente zelf)
  • de doorberekening van de kapitaallasten na de actualisering van de investeringsplanning
  • de financiële vertaling van het coalitieakkoord in het uitvoeringsplan
  • de uitwerking van motie 1 bij de financiële kadernota 2023-2026

De lokale lasten
Elk jaar in december leggen we de raad de tarieven voor de lokale lasten voor. De raad neemt dan een besluit. We houden uiteraard rekening met het maximum dat landelijk voor sommige tarieven geldt.
In 2023 stijgen de lokale lasten met de inflatiecorrectie. In de financiële kadernota stelden we de inflatiecorrectie vast op 6,1%. Wij zijn ons bewust dat dit een hoog percentage is. Daarnaast voeren we nog enkele aanpassingen door, zoals u in de paragraaf lokale heffingen kunt lezen. De belangrijkste wijziging is de heffingskorting op de afvalstoffenheffing. De komende drie jaar brengen we die in mindering op het tarief om de woonlasten van de inwoners van Leiderdorp te beperken.

Van programmabegroting 2022 naar programmabegroting 2023
De tabel hieronder laat de ontwikkeling van de begroting zien. We starten de tabel met de uitkomst van de financiële kadernota 2023-2026. In die uitkomst zijn alle mutaties van de kadernota meegenomen, met uitzondering van de verrekeningen met de behoedzaamheidsreserve.

Nr.

Onderwerp

2023

2024

2025

2026

Stand meerjarenbeeld kadernota 2023-2026

-1.325.760

-924.292

-998.074

1.054.746

1

Herstel raming TWO o.b.v. productiecijfers

-258.000

-258.000

-258.000

-258.000

2

Dekking reserve social domein

258.000

258.000

18.297

-534.297

3

Uitkomst 1e Bestuursrapportage 2022

207.751

72.651

72.651

103.434

4

Meicirculaire 2022 Gemeentefonds

-1.481.904

-2.351.605

-3.221.915

-616.863

5

Vastzetten accres 2023-2025

-505.389

-615.092

-498.216

0

6

Herberekening kapitaallasten

-435.673

-135.793

-43.108

113.706

7

Voorziening rioleringen

33.672

-3.690

-16.174

-94.692

8

Voorziening reiniging

-47.052

-34.552

-23.736

-23.736

9

Incluzio Leiderdorp

75.000

75.000

75.000

75.000

10

CAO - harmonisatie verlofregeling

154.000

154.000

154.000

154.000

11

Prijsontwikkeling energiekosten

510.150

459.135

408.120

357.105

12

Sport

85.000

85.000

85.000

0

13

Kunst en cultuur

100.000

100.000

100.000

0

14

Schaaktafels Houtkamp

10.000

0

0

0

15

Meerjarenonderhoud kunstobjecten

5.433

5.433

5.433

5.433

16

Inhaalslag exploitatievergunningen

50.000

0

0

0

17

Aanpak illegale bewoning

75.000

0

0

0

18

Afvoeren taakstelling Sportfondsen

76.275

76.275

76.275

76.275

19

Onderzoek vergunningverlening evenementen

25.000

0

0

0

20

Uitvoering sociale agenda

135.000

135.000

135.000

0

21

Beperking woonlasten inwoners - motie 1a

800.000

800.000

800.000

0

22

Duurzaamheid (sport-)accommodaties - motie 1b

70.000

430.000

500.000

0

23

Ondersteuningsprogr. duurzaamheid - motie 1c

175.000

175.000

175.000

0

24

Versnelling uitvoering biodiversiteit - motie 1d

94.000

87.000

80.000

0

25

Duurzaamheid onderwijshuisvesting - motie 1e

1.250.000

450.000

400.000

0

26

Transformatie De Baanderij - motie 1f

0

500.000

1.000.000

0

29a

Omgevingsvergunningen - motie 1i

250.000

0

0

0

29b

Implementatie omgevingswet - motie 1i

100.000

100.000

100.000

0

29c

Informatievoorzieningsprojecten - motie 1i

100.000

100.000

100.000

0

29d

Buffer voor sociaal domein - motie 1i

150.000

150.000

150.000

0

30

Overige mutaties

57.906

41.918

20.943

85.177

31

Behoedzaamheidsreserve

-793.409

68.612

603.504

-497.288

Saldo begroting 2023-2026

0

0

0

0

Financiële ontwikkelingen na de kadernota 2023-2026

1. en 2. Herstel raming TWO op basis van productiecijfers
Het begrotingssaldo bevat een materiële correctie op een van de mutaties in de kadernota. Het extra budget voor de TWO-Jeugdzorg blijkt op basis van de definitieve productiecijfers niet nodig. Die mutatie komt dus te vervallen. De dekking van die mutatie vanuit de reserve sociaal domein kunnen we inzetten voor dekking van een aantal bestedingen sociaal domein in 2026. Deze correctie kondigden we in de raadsbrief van 14 juni 2022 al aan.

3. Uitkomst 1e bestuursrapportage 2022
In de meerjarenraming van de financiële kadernota 2023-2026 hadden we de structurele doorwerking van de 1e bestuursrapportage 2022 nog niet meegenomen. We hebben die uitkomst in het begrotingssaldo verwerkt.

4. Meicirculaire 2022 gemeentefonds
De gevolgen van de meicirculaire 2022 gemeentefonds waren onderwerp van de raadsbrief van 14 juni 2022. De uitkering uit het gemeentefonds is in 2023 tot en met 2026 voor alle jaren voordelig. De voordelen in de jaren 2023 tot en met 2025 kunnen we beslist groot noemen. Tegelijkertijd constateren we dat het voordeel in 2026 ten opzichte van 2025 met ongeveer € 3,8 miljoen afneemt tot minder dan € 0,3 miljoen. ln de verwachting dat de suppletie-uitkering voor de herverdeling in 2O27 met € 0,4 miljoen en in 2028 met € 0,8 miljoen verder afneemt, is het structurele beeld voor de lange termijn zorgelijk.

5. Vastzetten accres 2023-2025
Op 8 juni 2022 vond een bestuurlijk overleg financiële verhoudingen plaats. Kabinet en VNG bereikten overeenstemming over de bevriezing van het volume-accres van het gemeentefonds voor de jaren 2022, 2023, 2024 en 2025. Het volume-accres blijft op de stand Voorjaarsnota 2022. Het doel van deze afspraak is de stabiliteit van het geraamde accres te verbeteren. Zodat zowel het ministerie van Financiën als gemeenten beter met hun begrotingspolitiek uit de voeten kunnen. Daarnaast biedt de afspraak rust om het gesprek te voeren over een mogelijke aanpassing van de financiële verhoudingen tussen het Rijk en de gemeenten vanaf 2026. Met als doel deze verhoudingen bij de tijd te brengen. Het accres wordt in de periode 2022-2025 wel blijvend aangepast aan de ontwikkeling van de lonen en prijzen. De ramingen van het Centraal Planbureau zijn hierbij leidend. Deze gewenste schommelingen van het accres blijven dus bestaan en daarmee wordt het inflatierisico voor gemeenten blijvend beperkt. Als gevolg van deze afspraak vervalt de afslag algemene uitkering wegens onderuitputting op de rijksbegroting die naar aanleiding van de meicirculaire was opgevoerd.

6. tot en met 8. Herberekening kapitaallasten
We berekenden de kapitaallasten voor de begroting 2023 op basis van de tot nu beschikbaar gestelde investeringskredieten en de bij de kadernota geactualiseerde investeringsvoornemens. We bepaalden een kasstroomprognose voor zowel de lopende investeringen als voor de investeringsvoornemens. In verband met de verder oplopende inflatie beoordeelden we de benodigde kredieten ook op toereikendheid. Om die reden verhoogden we de omvang van een aantal investeringsvoornemens. De kritische beoordeling van het tempo van de investeringen resulteerde in een daling van de kapitaallasten in 2023 tot en met 2025. De verhoging van de omvang van kredieten leidde tot een stijging van de kapitaallasten in 2026. Een deel van het voordeel heeft betrekking op de kapitaallasten van rioleringen en reiniging. De effecten daarvan verrekenen we met de voorziening rioleringen en de voorziening reiniging.

9. Incluzio Leiderdorp
Zoals u weet hebben we de dienstverlening door Incluzio Leiderdorp met twee jaar verlengd. We bereikten overeenstemming over het benodigde budget. Rekening houdend met de reguliere indexering was het beschikbare budget niet voldoende voor het lumpsumbudget 2023 en 2024. De cao-loonkostenstijging vraagt om een inhaalindexering voor 2023. Mogelijk zijn er nog extra middelen nodig voor een verdere cao-loonstijging vanaf 1 juli 2023. Voorlopig schatten we die in op 1%. Dat betekent dat er met ingang van 2023 € 75.000 extra budget nodig is. Verder kenden we extra budget toe naar aanleiding van de rijksregeling voor Jeugd/Wmo voor extra compensatie van 1,13%. Het van het Rijk ontvangen bedrag stortten we in de reserve sociaal domein. Van dit bedrag kende het college op 14 juni 2022 € 17.558 toe aan Incluzio Leiderdorp. Dat bedrag komt uit de reserve sociaal domein.

10. Cao - harmonisatie verlofregeling
In de huidige cao zijn afspraken gemaakt om de verlofregelingen van alle gemeenten te harmoniseren. Het doel is de mobliteit tussen gemeenten te stimuleren. Vanaf 2023 betekent dit dat alle werknemers van gemeenten een wettelijke verlof van 20 dagen hebben plus een bovenwettelijk verlof van 6 dagen en 2 feestdagen. De geharmoniseerde regeling pakt gunstig uit voor de werknemers van Leiderdorp. Tegelijkertijd leidt het tot een productieverlies van 2 fte voor de organisatie als geheel. Om de dienstverlening te kunnen continueren, moeten we de formatie vervangend uitbreiden.

11. Prijsontwikkeling energiekosten
Voor 2023 en verder zijn de energieprijzen uitermate onzeker. We zien de tarieven fors stijgen en het is goed mogelijk dat ze nog verder omhooggaan. Het is onbekend of en zo ja wanneer enige normalisatie in de prijsvorming optreedt. Omdat ons vaste contract eind 2022 afloopt, moeten we de huidige begroting fors ophogen. Met de inzichten van nu kiezen we ervoor om de kosten in 2023 met ongeveer 100% op te hogen, met een afbouw van 10% per jaar voor de jaren daarna. We weten nu nog niet welk contract we kunnen afsluiten en voor hoe lang. Op dit moment houden de energieleveranciers contracten voor langere termijn af.

12. Sport
In deze raadsperiode maken we extra middelen (incidenteel) vrij om meer Leiderdorpers te stimuleren te sporten en te bewegen. De sportnota “Een brede basis voor sporten en bewegen” die door uw raad in 2020 is vastgesteld is hierbij het kader. Om dit te realiseren continueren we het sportakkoord en gaan dit verbinden met een preventieakkoord. Om mogelijk te maken dat in de toekomst meer Leiderdorpers bewegen is het nodig om onder andere te beschikken over goede gemeentelijke buitensportaccommodaties en vitale en financieel gezonde georganiseerde sportorganisaties. Wij gaan de sportnota uit 2020 evalueren en in lijn met het gestelde in het coalitieakkoord actualiseren.

13. Kunst en cultuur
Kunst en cultuur moet meer zichtbaar zijn en de levendigheid van Leiderdorp bijvoorbeeld door meer evenementen versterken. De cultuur-historische achtergrond van Leiderdorp gaan we meer voor het voetlicht brengen. Op basis van de door de raad vastgestelde nota “Cultuur doet leven” (2021) gaan we de inzet van de cultuurcoach evalueren en bezien op welke wijze dit een vervolg krijgt. Om de doelstellingen uit het coalitieakkoord te realiseren continueren we de inzet van een activiteitenbudget waarbij onderscheid gemaakt zal worden voor de inzet door cultuurmakers met een meerjarig programma en een budget voor overige activiteiten. Tot slot gaan we het subsidiebeleid en de algemene subsidieverordening actualiseren en onze kunstobjecten in de openbare ruimte op basis van een meerjarenonderplan goed onderhouden.

14. Schaaktafels Houtkamp
We willen iedereen stimuleren om zoveel mogelijk buiten te genieten. Naast de actieve sporten willen we ook de denksport in de buitenlucht stimuleren. Dat doen we door schaaktafels in de Houtkamp te plaatsen. Daarmee bevorderen we ook de sociale contacten. De kosten voor de tafels en het graafwerk schatten we op € 10.000.

15. Meerjarenonderhoud kunstobjecten
Uit de inspectie blijkt dat er een aantal beeldbepalende kunstobjecten hersteld dan wel gerestaureerd moeten worden. Hiermee zorgen we ervoor dat deze kunstobjecten behouden blijven voor de toekomst.

16. Inhaalslag exploitatievergunningen
In de Algemene plaatselijke verordening (Apv) is artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting opgenomen, als opvolger van de horeca-exploitatie vergunning. Deze exploitatievergunning heeft onder meer het doel de openbare orde, veiligheid en het woon- en leefklimaat in de omgeving van horecabedrijven te beschermen. Een andere belangrijk element is dat met deze vergunningsplicht een drempel wordt opgeworpen tegen mogelijke criminele activiteiten en ondermijning.

17. Aanpak illegale bewoning
Het is belangrijk dat we illegale bewoning aanpakken. Deze vorm van criminaliteit lijkt misschien vrij onschuldig, maar zorgt ervoor dat zware criminaliteit in stand wordt gehouden. Hierbij valt te denken aan hennepteelt, illegale vastgoedtransacties, illegale prostitutie, mensenhandel en andere vormen van arbeidsuitbuiting. Woonfraude heeft negatieve invloed op de leefbaarheid in de wijk en vaak gaat het gepaard met brandonveiligheid.

18. Afvoeren taakstelling Sportfondsen
De invulling van de taakstelling Sportfondsen staat al jaren onder druk. In de eerste jaren is de dekking met behulp van de verkregen compensatie voor corona gevonden. De taakstelling van € 76.275 is als gevolg van de oplopende (energie)prijzen niet langer haalbaar en voeren we af.

19. Onderzoek vergunningverlening evenementen
Bij het op 1 april 2019 vastgestelde Evenementenbeleid 2019-2023 is afgesproken dat 2 jaar na publicatie zou worden geëvalueerd. Vanwege de onvoorzienbare omstandigheden (covid-maatregelen) is het verloop (vooral juist afgelasting) van evenementen uitzonderlijk geweest, wat een goede evaluatie lastig maakt. Ten behoeve van de levendigheid van ons dorp zal worden onderzocht wat nodig is voor een bestendige en adequate vergunningverlening.

20. Uitvoering sociale agenda
Met de sociale agenda willen we dat maatschappelijke vraagstukken van Leiderdorp in zijn geheel worden aangepakt. De komende jaren staan we voor grote uitdagingen, waardoor we anders naar de zorg en sociale voorzieningen willen kijken. De komende jaren willen we extra investeren in ouderenbeleid, de kansen gelijkheid voor onze inwoners vergroten. Voor de komende jaren hebben we een extra investering nodig, waardoor we reguliere (zorg)voorzieningen kunnen transformeren naar preventieve of laagdrempelige voorzieningen. Voor de jaren 2023, 2024 en 2025 is €135.000 per jaar beschikbaar. De verdeling van het budget wordt uitgewerkt in een jaarlijkse sociale agenda in uitvoering.

21. Beperking woonlasten inwoners - motie 1a
Motie: Nu de inflatie onvoorzien hoog oploopt het college op te roepen met voorstellen te komen hoe in de komende jaren de woonlasten voor de inwoners meerjarig kunnen worden beperkt.
Uitvoering: We stellen voor om de stijging van de woonlasten die de gemeente zelf veroorzaakt te beperken. We kijken dan naar de ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Om de stijging van de woonlasten door toedoen van de gemeente te compenseren geven we een heffingskorting van € 55, € 65 en € 75 voor respectievelijk eenpersoons-, tweepersoons- en meerpersoonshuishoudens. De kosten van deze maatregel zijn € 800.000. We voeren de korting door in de vorm van een verlaging van het brutotarief afvalstoffenheffing voor drie jaar, met een onvoorwaardelijke einddatum van 31 december 2025. Met de keuze voor de afvalstoffenheffing kunnen we de beoogde doelgroep maximaal bereiken.

22. Duurzaamheid (sport)accommomdaties - motie 1b
Motie: Er wordt geïnvesteerd in maatregelen die de duurzaamheidsdoelstellingen versnellen zodat deze op termijn ook geld zullen opleveren. Hierbij gaat het onder andere om het versneld verduurzamen van gemeentelijk vastgoed, sportaccommodaties, gemeentelijke verlichting et cetera.
Uitvoering: In de duurzaamheidsagenda 2017-2025 staat dat we onze gebouwen in 2025 volledig hebben verduurzaamd. Helaas stagneert de voortgang. Een versnelling in het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed, de sportaccommodaties en de gemeentelijke verlichting draagt bij aan het bereiken van onze doelstellingen. Vanuit het Rijk zijn er mogelijkheden - in de vorm van subsidies - om het verduurzamen van maatschappelijk goed te versnellen. Vanaf oktober stelt het Rijk de subsidie DUMAVA open. De subsidie dekt tot 30% van de projectkosten en 50% van de kosten van energieadvies en het energielabel. Voor sportaccommodaties kunnen we gebruikmaken van de regeling BOSA. Van de verduurzaming van onze hele vastgoedportefeuille en de sportaccommodaties kunnen we nu geen inschatting geven. Dit is afhankelijk van de staat van onderhoud en de mate van verduurzaming. We starten nog dit jaar met een routekaart verduurzaming vastgoed. Zodat de raad de mate en het tempo van de verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed in de komende jaren kan bepalen. Wel stellen wij voor, in overeenstemming met onderdeel i van deze motie, om voor zowel het gemeentelijk vastgoed als de sportaccommodaties een bedrag van € 1.000.000 apart te zetten . Dit bedrag omvat de kosten van € 70.000 voor planvorming en capaciteit om dergelijke projecten te initiëren. De overige middelen worden toegevoegd aan de reserve ter dekking van kapitaallasten. De gereserveerde middelen betrekken we bij de uitvoering van de routekaart verduurzaming vastgoed.

23. Ondersteuningsprogramma duurzaamheid - motie 1c
Motie: Bij de duurzaamheidsinvesteringen is leidend hoe de lagere en middeninkomens, die het meest geraakt worden door de sterk stijgende energieprijs, daarvan kunnen profiteren door maatregelen die hun energiegebruik verminderen. Samen met bewoners en gebouweneigenaren bekijkt het college per wijk waar de slimste en snelste stappen kunnen worden gemaakt op het gebied van energiebesparing, het opwekken van duurzame energie, warmte en energiezuinig vervoer. Subsidiemogelijkheden worden goed inzichtelijk gemaakt voor inwoners en ondernemers.
Uitvoering: In zowel de duurzaamheidsagenda als de RES hebben we bespaardoelen opgenomen. Door de stijgende gas- en energieprijzen is de urgentie om te besparen en te verduurzamen toegenomen. De gemeente kan haar ondersteuningsprogramma uitbreiden en intensiveren. Hiervoor zijn wel financiële middelen nodig (voor het uitbreiden van het ondersteuningsprogramma én voor communicatie en capaciteit). In overeenstemming met onderdeel i van deze motie stellen wij voor om voor de uitvoering van deze wens drie jaar lang een bedrag van € 175.000 per jaar extra te reserveren.

24. Versnelling uitvoering biodiversiteit - motie 1d
Motie: Het college versnelt het versterken van de biodiversiteit.
Uitvoering: In het uitvoeringplan pakken we deze activiteit met prioriteit op. We vertalen de VN-doelen naar Leiderdorp, zorgen voor procesbegeleiding om tot een weidevogelbeheerplan te komen, voeren eenmalige beheermaatregelen uit, stellen een actieplan Heggen en Hagen op en voeren maatregelen uit dat plan uit. Voor de jaren 2023, 2024 en 2025 denken we hiervoor respectievelijk € 94.000, € 87.000 en € 80.000 nodig te hebben.

25. Duurzaamheid onderwijshuisvesting - motie 1e
Motie: Het college reserveert extra middelen voor nieuwbouw van scholen, zodat onderwijskundige en duurzaamheidsdoelstellingen maximaal kunnen worden bereikt.
Uitvoering: De motie roept op om extra middelen voor de nieuwbouw van scholen te reserveren. In het meerjaren investeringsplan (MIP) 2023 verhoogden we de investeringskredieten voor onderwijshuisvesting op grond van loon- en prijsontwikkeling substantieel tot een totaal van € 15,9 miljoen. In het integraal onderwijshuisvestingsplan is geen rekening gehouden met extra investeringen voor duurzaamheid. Voor duurzaamheidsinvesteringen hebben we wel gerekend met een investering van € 650.000. Dit bedrag brengen de schoolbesturen in, omdat de baten van de energiebesparing ook aan de besturen toekomen. Mogelijk kunnen we via de subsidieregeling duurzaam maatschappelijk goed (DUMAVA) ongeveer 30% van de investering dekken met externe middelen. In aanvulling op deze eigen inbreng en externe middelen stellen we voor om extra middelen te reserveren in de reserve ter dekking van kapitaallasten. Op basis van referenties hebben we een gemiddeld bedrag van € 290 per m2 bepaald. Dit betekent dat in de periode 2023-2026 voor de verduurzaming van de onderwijshuisvesting ongeveer de volgende bedragen nodig zijn:

  • De Hobbit/Bolwerk: € 800.000
  • Willem de Zwijger: € 450.000
  • Elckerlyc: € 450.000
  • De Schakel: € 400.000

Dat is in totaal € 2.100.000. In dit bedrag hebben we de voorbereidingskosten meegenomen. Zo ‘parkeren’ we de extra middelen voor extra investeringen in de duurzaamheid van de onderwijshuisvesting. De inzet van deze middelen loopt parallel aan de kapitaallasten die met de investeringen samenhangen. Via deze reserve maken we incidenteel beschikbare middelen structureel.

26. Transformatie De Baanderij - motie 1f
Motie: Het aantal te bouwen woningen op De Baanderij dient, met inachtneming van een goede en betaalbare woon- en leefkwaliteit in het gebied zoals beschreven in de gebiedsvisie Baanderij, zo groot mogelijk te worden en de bouw dient zo spoedig mogelijk aan te vangen. Het college gaat hiertoe actief in gesprek met marktpartijen.
Uitvoering: De gemeente wil De Baanderij de komende jaren transformeren tot een woon-werklocatie. De transformatie brengt de nodige kosten met zich mee. Denk aan plankosten, aanpassingen openbaar gebied, planschade, compensatie bedrijfsbestemming, voorfinanciering, cofinanciering, eventuele verwervingen. Afhankelijk van de keuzes die de gemeente nog moet maken, gaan we in meer of mindere mate investeren en financieel risico nemen. De omvang van die investering en het financieel risico tesamen komt op een bedrag van minimaal € 10 miljoen. Om de financiële gevolgen op termijn op te vangen versterken we de huidige reserve bouw- en grondexploitaties met € 500.000 in 2024 en € 1.000.000 in 2025. De reserve bouw- en grondexploitaties dekt onder andere risico’s bij grondexploitaties en heeft een omvang van ongeveer € 4 miljoen. De huidige grondexploitaties zijn nagenoeg afgerond. Het saldo van deze reserve blijft beschikbaar voor de dekking van de voorbereidingskosten en de risico’s van de omvorming van De Baanderij.

27. Percentage sociale woningen verhogen - motie 1g
Motie: Mede in overleg met Rijnhart Wonen onderzoekt het college of het percentage sociale woningen in heel Leiderdorp kan worden verhoogd.
Uitvoering: Het coalitieakkoord bepaalt de ondergrens voor sociale woningbouw bij nieuwbouwprojecten op 35%. Het woord 'ondergrens' impliceert al dat het meer mag zijn. Voor het verhogen van het percentage sociale woningen streven we bij nieuwbouw naar een hoger aandeel zonder de ondergrens los te laten.

28. Creëren van kansen voor werkzoekenden - motie 1h
Motie: Er wordt extra geïnvesteerd in de sociale zekerheid met als doel om, in een tijd van grote tekorten op de arbeidsmarkt, onder meer nieuwkomers, mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt en inwoners in de bijstand zoveel en zo snel als mogelijk inzetbaar te maken voor de arbeidsmarkt.
Uitvoering: De motie ligt in het verlengde van het coalitieakkoord. In het coalitieakkoord is de extra investering in de sociale zekerheid gericht op het creëren van kansen voor werkzoekenden al uitgewerkt. In het re-integratie budget is nog voldoende budget beschikbaar om meer kansen te creëren voor werkzoekenden.

29. Versterking reserves - motie 1i
Motie: Het college houdt rekening met het afvlakkend budgettaire perspectief vanaf 2026 en onderzoekt, rekening houdend met de huidige stand van de reserves, of deze nog extra zouden moeten worden aangevuld.
Uitvoering: De motie roept op te onderzoeken of we reserves extra moeten aanvullen. Bij de beoordeling van andere initiatieven vanuit deze motie hebben we de versterking van reserves al een aantal keer toegepast. Uitwerking van de maatregelen kan dan binnen de kaders van het uitvoeringsplan van het coalitieakkoord en de motie plaatsvinden, met dekking uit de reserves. Om zicht te krijgen op de noodzaak van een extra aanvulling van de reserves, moeten we van elke reserve de omvang bepalen in relatie tot het doel van de reserve. Per reserve hebben we de volgende voorstellen uitgewerkt:

  • a -Omgevingsvergunningen: De omvang van de reserve is gering. Bij gebrek aan enkele grote bouwprojecten zullen we de reserve in 2022 volledig aanwenden. Mee- en tegenvallers van de vergunningen verrekenen we met de reserve omdat de baten soms voor de kosten uitgaan. De ontwikkeling van deze reserve is door de invoering van de nieuwe omgevingsvergunningen onzeker. Versterking is een optie, bijvoorbeeld tot het signaalbedrag van € 250.000 als buffer voor exploitatierisico’s.
  • b -Implementatie Omgevingswet: De omvang van de reserve is ongeveer € 0,3 miljoen. We gebruiken de reserve voor de dekking van de kosten van implementatie. De reserve heeft als einddatum 31 december 2023. Voor de implementatie maakten we een berekening van de kosten vanaf 2023:
    • Deelproject 1: wet- en regelgeving, € 25.000
    • Deelproject 2: een omgevingsvisie, € 189.595
    • Deelproject 3: een volwaardig omgevingsplan vanaf 1 januari 2029, € 302.500
    • Deelproject 7: digitaal stelsel Omgevingswet, € 214.802
    • Overige kosten: € 96.072

In totaal hebben we € 827.969 nodig. Als we uitgaan van de stand van de reserve (€ 308.855) en rekening houden met het bedrag dat we in de septembercirculaire nog krijgen van het Rijk (€ 219.223), missen we nog € 299.891. We stellen dan ook voor om de reserve met € 300.000 te versterken. De implementatie is een meerjarig traject en loopt door tot 2029. Daarom stellen we voor om de einddatum van deze reserve op te schuiven naar 31 december 2028.

  • c -Informatievoorzieningsprojecten: De afgelopen jaren zien we veel investeringen in informatievoorziening (IV-projecten). De voorbereiding en implementatie pakken we steeds projectmatig aan. Dat vraagt vaak om incidentele middelen die niet beschikbaar zijn binnen de begroting. Daarom stellen we voor om ter dekking van die kosten de reserve bedrijfsvoering in te zetten. En om die reserve in de jaren 2023 tot en met 2025 jaarlijks met € 100.000 te versterken. Dit voorstel is in lijn met de versterking van deze reserve in 2021 en 2022 en zeker nodig. Voor IV-projecten is een gering structureel budget beschikbaar. Als gevolg van de overgang van Servicepunt71 naar Leiden komt het initiatief voor de ontwikkeling van IV-projecten daar te liggen. Per project beoordelen we de noodzaak en de meerwaarde van deelname. In de komende jaren doen we ervaring met deze werkwijze op. Zodat we voor de periode ná 2025 de omvang van het structurele budget beter kunnen beoordelen.
  • d -Buffer voor sociaal domein: In de kadernota 2023-2026 wordt deze reserve in de loop van 2026 volledig benut. Er gaan miljoenen om in het sociaal domein en de risico's zijn navenant. We hebben de afgelopen jaren gezien dat de zorgkosten fluctueren. Op jeugd viel de eindafrekening het afgelopen jaar gunstig uit voor Leiderdorp, maar door de T-2 systematiek en het loslaten van het solidariteitsprincipe kan dat ook zomaar anders zijn. Als Leiderdorp toevallig in een jaar twee of drie gezinnen in hele dure zorg heeft, kan dat tonnen kosten. Aan de andere kant verwachten we dat de uitvoeringsbudgetten nu op een realistisch niveau zijn en zien we in de laatste jaarrekeningen doorgaans meevallers ten opzichte van de raming. We stellen voor om deze reserve te versterken met € 150.000 per jaar om toch een kleine buffer op te bouwen voor eventuele nieuwe tegenvallers. Dit is wat ons betreft een minimumvariant.

30. Overige mutaties
De overige mutaties zijn kleine aanpassingen van de begroting. Zoals afrondingverschillen ten opzichte van de geraamde ontwikkelingen in de kadernota en aansluitingen op de begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen.

31. Behoedzaamheidsreserve
Door de toevoeging van de mutaties wijzigt het begrotingssaldo voor 2023 tot en met 2026. Dat resultaat verrekenen we met de behoedzaamheidsreserve. Die verrekening komt cumulatief op een bedrag van ruim € 0,6 miljoen. Het saldo van de reserve is toereikend voor het sluitend maken van het meerjarenbeeld.

We leggen u een solide begroting voor, die meerjarig sluitend is en die rekening houdt met een geactualiseerde inschatting van mogelijke risico’s.

We zien uit naar de bespreking van deze begroting in de raad.

27 september 2023


College van burgemeester en wethouders

Ga naar boven