Gemeente Leiderdorp

U bent hier: HomeBeleidsbegrotingParagrafenParagraaf 7: Grondbeleid

Download als pdf

Zelf je pdf samenstellen

Geselecteerde pagina's: 0

Paragraaf 7: Grondbeleid

Visie
Het grondbeleid is vooral ondersteunend aan programma 2: Aantrekkelijk Leiderdorp. Het grondbeleid heeft een grote financiële impact. De baten en de financiële risico's hebben invloed op de algemene financiële positie van de gemeente. Ons grondbeleid staat in de nota grondbeleid 2019-2023. De raad stelde de nota op 9 september 2019 vast.

De programma’s hanteren een onderscheid in SMART-doelen, activiteiten en prestatie-indicatoren. Voor het grondbeleid maakten we dezelfde driedeling:

  • SMART-doelen: waar mogelijk faciliterend grondbeleid, niet meer grond dan nodig, marktconforme grondprijzen
  • Activiteiten: het monitoren van grondtransacties aan de nota
  • Prestatie-indicatoren: grondprijzenbrief, de Gemeentelijke Integrale Grondexploitatie (GIG), uniforme erfpachtovereenkomsten

Hieronder volgen enkele kernpunten uit de nota grondbeleid 2019-2023.

Beleidskeuze vorm grondbeleid
De gemeente Leiderdorp kiest voor een 'faciliterend, tenzij...' grondbeleid.

We snijden de invulling van het grondbeleid per situatie toe op het gewenste resultaat. In beginsel is het grondbeleid faciliterend. Per opgave beoordelen we of er aanleiding is om een andere vorm van grondbeleid toe te passen. En zo ja, welke instrumenten daarbij horen.

Faciliterend grondbeleid houdt in dat de gemeente zelf geen grondexploitaties voert, maar dit overlaat aan private ontwikkelaars. We 'faciliteren' deze grondexploitaties door te investeren in plankosten. Denk aan het maken van een nieuw bestemmingsplan, het treffen van voorzieningen in de openbare ruimte en het aanleggen van nutsvoorzieningen. De kosten verhalen we volgens de nota kostenverhaal op betrokkenen. We kunnen actief grondbeleid inzetten als we een sterker stempel op de ontwikkeling willen drukken. Of als het noodzakelijk is om een ontwikkeling volgens de gemeentelijke randvoorwaarden te realiseren. Dan moet het financiële risico, ook op langere termijn, wel aanvaardbaar zijn. 

Instrumenten
Voor grondbeleid hebben we een aantal instrumenten. De beleidsregels voor de instrumenten staan in de nota grondbeleid. Hieronder lichten we enkele uit.

  • De gemeente voert een faciliterend grondbeleid. Per locatie bekijken we of er aanleiding is om een andere vorm van grondbeleid te voeren.
  • Minnelijke verwerving is het uitgangspunt. De inzet van de instrumenten voorkeursrechten (Wvg) en onteigening sluiten we niet uit.
  • Gronduitgifte vindt in principe plaats door de verkoop van gronden. In uitzonderingsgevallen zijn andere vormen van gronduitgifte ook mogelijk.

Grondprijsbeleid
Bij een transparant grondbeleid horen transparante grondprijzen.

Beleidsregels grondprijsbeleid:

  • Het college stelt jaarlijks een grondprijzenbrief vast met daarin de gronduitgifteprijzen voor het volgende jaar. Deze brief gaat in op de waardebepaling en de minimum grondprijzen per functie bij de uitgifte van gronden.
  • De grondprijzen moeten marktconform zijn, met uitzondering van grondprijzen voor sociale woningbouw.

Grondslagen waardering
We waarderen de gronden tegen verkrijgingprijs, vermeerderd met de kosten voor onderzoek en bouwrijp maken. Zoals wettelijk verplicht, mag de boekwaarde niet hoger zijn dan de ingeschatte marktwaarde. Afhankelijk van deze inschatting boeken we de boekwaarde af (als er definitief geen mogelijkheid tot terugverdienen is) of vormen we een voorziening (bij redelijke twijfel over het terugverdienen van de boekwaarde).

Reserves
Resultaten op de grondexploitatie voegen we toe aan de algemene reserve bouw- en grondexploitaties, volgens voorschrift van het BBV.

Organisatie
Beleidsregels organisatie:

  • De regels van het BBV voor de verslaglegging zijn leidend.
  • De actieve grondexploitaties actualiseren we één keer per jaar (bij de jaarrekening).
  • Tegelijk met de actualisatie in de jaarrekening leggen we een rapportage aan de raad voor waarin we de financiële stand van zaken van de grote projecten en de grondexploitaties toelichten. Dit is de rapportage Gemeentelijke Integrale Grondexploitatie (GIG).
  • Voorzieningen voor de verliesgevende exploitaties bepalen we op basis van contante waarde van het grondexploitatieresultaat en stellen we één keer per jaar vast bij de jaarrekening.
  • Per project of grondexploitatie brengen we de risico’s in beeld. En geven we beheersmaatregelen aan.

Opgenomen voorzieningen
Voor verliesgevende grondexploitaties treffen we direct een verliesvoorziening. Voor de grondexploitatie Bospoort-Zuid (W4) troffen we op 1 jnauari 2021 een voorziening van € 2,84 miljoen (nominaal: € 2,87 miljoen).

Risico's publiek-private samenwerking (PPS)
We hebben op dit moment geen publiek-private samenwerkingen.

Prognose verwachte resultaten totale grondexploitatie op 1/1/2021

(bedragen x € 1.000)

GIG - 2021
Nominaal

GIG - 2021
NCW 1-1-21

GIG - 2021
NCW 1-1-20

GIG - 2020
NCW 1-1-20

Verschil NCW

1-1-20

Mauritskwartier - Kavel M

297

297

293

273

20

Bospoort Zuid

-2.874

-2.837

-2.782

-2.824

42

Fietsbruggen en -paden W4

-1.269

- 1.285

- 1.259

- 1.257

-2

Totaal W4

- 3.846

- 3.825

- 3.748

-3.808

60

(nadelig)

(nadelig)

(nadelig)

(nadelig)

(voordelig)

Amaliaplein

431

450

444

914

-470

Driemaster

650

663

654

750

-96

Totaal overige projecten

1.081

1.113

1.098

1.664

-566

(voordelig)

(voordelig)

(voordelig)

(voordelig)

(nadelig)

Parameters
Bij de herziening op 1 januari 2021 van de grondexploitaties in de GIG 2021 hanteerden we de volgende parameters:

  • rentepercentage: 1,25%
  • kostenindex: 2,0%
  • opbrengstenindex: 0%

Vergeleken met de GIG 2020 stelden we de kostenindex en de rente niet bij. De opbrengstenindex bleef onveranderd met 0% gelijk.

Fasering verkopen
Bij de herziening op 1 januari 2021 van de grondexploitaties in de GIG 2021 faseerden we de nog te verwachten opbrengsten voor grondverkoop (paviljoens) in Bospoort Zuid halverwege 2021.

Ga naar boven